Als docent hoef je het Ware Antwoord niet te hebben en te doceren

Zijn de IS moslims? Mogen zij aanslagen plegen? Is oorlog in het algemeen ooit goed? Is een aanslag te rechtvaardigen? Is Erdogan een goede leider? Mag je een ander om zijn cultuur of geloof afwijzen? Haten? En hoe zit het met homoseksualiteit?

Als je voor de klas staat, lijkt het soms alsof je voor een gesprek over al dit soort heikele kwesties van alles moet weten. En dat je een verzoenend antwoord moet hebben om de leerlingen gerust te stellen, de goede kant op te sturen of in ieder geval niet te laten ontsporen. Dat gevoel geeft druk en zorgt er regelmatig voor dat je maar liever aan zo’n gesprek niet begint. Want je weet niet wat je overhoop haalt en hoe zo’n gesprek in de klas gaat lopen. Als dit soort kwesties dan nog actueel in het nieuws komen, wordt het helemaal een beetje griezelig, want dan kun je er niet meer goed omheen.

Opluchting

Het goede nieuws is dat je op filosofische vragen geen goed antwoord hoeft te hebben. Sterker nog: je kunt het ‘goede antwoord’ niet kennen, want dat hangt van zoveel factoren af. In het gesprek met je klas ga je de vragen van verschillende kanten bekijken. Je vraagt door naar de argumenten. Die geven de doorslag! Dan worden eerder ingenomen standpunten vaak vanzelf genuanceerd. Al pratend ontdekken de leerlingen immers dat het allemaal net iets ingewikkelder is dan ze dachten. Het Ware Antwoord bestaat helemaal niet. Wat een opluchting!

Kinderlogica

In haar boek Kinderlogica - filosoferen op een multiculturele school, beschreef Sabine Wassenberg haar ervaringen als filosofiejuf. Een citaat:

We bespreken de stelling die Abdelrachman heeft opgeschreven op zijn papiertje: ‘De IS zijn geen moslims.’
Mohammed lijkt verbaasd over de stelling en zegt: ‘Ze zijn wel moslims.’
Wouter: ‘Ze zeggen toch dat ze moslims zijn, dus dan zijn ze ook moslims.’ Degenen die zich niet identificeren met de islam, hebben hier geen probleem mee en volgen Wouter instemmend. Maar de moslims zijn nu ineens zeer betrokken. ‘Nee, ze zijn geen moslims!’ roepen ze in koor.
‘Waarom niet?’ ‘Omdat de IS terroristen zijn die mensen doodmaken. En doodmaken mag niet voor moslims,’ argumenteert Chaima – mede namens Abdelrachman, Achmed, Mohammed, Manal, Malak en Ayoub, aan hun reacties te merken.
Plotseling reageren ze heftig op Mohammed die zojuist heeft gezegd dat IS wél islamitisch is. ‘Hoezo zeg jij dat?’ roept Manal.
De spanning loopt op en Mohammed krijgt geen kans om zich te verdedigen, omdat hij belaagd wordt door zijn geloofsgenootjes.
Even moet ik iets rechtzetten. Ik loop naar het whiteboard en schrijf met een groene stift op wat ik vertel, met wat pijlen ertussen.
‘Als je zou zeggen: “De IS zijn moslims”, dan betekent dat niet dat het andersom ook geldt: “Alle moslims zijn van de IS.” En als Mohammed zegt: “De IS zijn moslims”, betekent dat ook niet dat hij zélf bij IS zit.’
Er wordt gelukkig gelachen en ze proberen dit staaltje logica te begrijpen. Maar hiermee is nog niet uitgemaakt of de IS-strijders nu moslims zijn of niet.
‘Waarom zijn de IS moslims, Mohammed?’ vraagt Chaima.
Mohammed zegt: ‘De IS doden omdat ze de moslims aan hun kant willen hebben.’
‘Waarom maken ze dan ook moslims dood?’
‘Als bedreiging,’ zegt Mohammed.
‘Maar wij zouden onze broeders zoiets nooit aandoen!’ zegt Youssra.
‘Ze zouden het niet doen, maar ze blijven toch moslims,’ zegt Mohammed. Hij bedoelt dat de IS-strijders het niet zouden moeten doen. ‘Je kunt het er sowieso nooit uithalen. Je blijft moslim. Dat blijft voor altijd.’
‘Ze zijn misschien moslims, maar ze zijn niet zulke goeie moslims,’ zegt Chaima. ‘Ja, ze zeggen het wel, dat ze moslims zijn, maar het is niet zo. Kijk, je hebt geleerde moslims en niet-geleerde moslims. Zij hebben niets begrepen van de Koran!’
Het woordje Koran spreekt ze uit als Qur-an, op z’n Arabisch.
‘Nou zeg je het zelf: ze zijn wél moslims,’ zegt Wouter.
‘Ze zijn géén moslims’, roept Abdelrachman, ‘want in de Koran staat: “Je mag niet doden.” Doden is haram.’
‘Ja juf,’ roept Achmed opgewonden. ‘Zij doden! Want, juf, ik zag op YouTube een filmpje en daar schoten ze zo met een pistool iemand dood.’ (…)

Doe mee met een van de trainingen voor goede gesprekken in de klas!

Oase doet mee aan de organisatie van een trainingsprogramma samen met Goedemorgen en WonderWhy over het voeren van gesprekken in de klas. Kijk hier voor  meer informatie en om je aan te melden.

Nog geen reacties.

Laat een reactie achter